Pensionering
De werknemer kan bij pensionering een aantal keuzes maken. In de meeste gevallen is het bureau daar alleen indirect bij betrokken. Wil een medewerker bijvoorbeeld eerder met pensioen gaan, dan is het van belang dat deze dat met zijn werkgever afstemt. Het bureau is dan in staat tijdig het werk te verdelen of de medewerker te vervangen. Maar voor de aanvraag zelf heeft deze de werkgever niet nodig.
In twee gevallen speelt het bureau wel een rol.
- Bij deeltijdpensioen moet deze bevestigen dat de medewerker voor een deel van de tijd blijft werken én verloopt de uitbetaling van het pensioen via de werkgever.
- Bij de aanvullingsregeling bevestigt het bureau dat de deelnemer bij pensionering stopt met werken.